Werk maken van nieuwe medewerker in ouderenzorg

29 jun

€ 326.484,- is vandaag maar liefst toegekend vanuit het Regionaal Investeringsfonds MBO aan samenwerkende partners Gilde Zorgcollege (Gilde Opleidingen) De Zorggroep, Proteion, Land van Horne, Sint Jozef Wonen en Zorg, Zorg aan Zet, Academische Werkplaats Ouderenzorg en Fontys Hogescholen. Zij gaan dit geld – aangevuld met € 652.968,- dat ze zelf bijdragen – aanwenden voor een andere manier van opleiden en samenwerken om daarmee de nieuwe medewerker in de Verpleging, Verzorging en Thuiszorg (VVT) Noord- en Midden-Limburg klaar te stomen voor de arbeidsmarkt.

Uit een analyse blijkt dat de Verpleging, Verzorging en Thuiszorg (VVT) in de regio Noord- en Midden-Limburg voor een grote uitdaging staat, namelijk een groot en toenemend tekort aan goed opgeleide zorgmedewerkers om kwalitatieve ouderenzorg te verlenen. Er is daarnaast sprake van een stijgende vraag naar ouderenzorg. Dat komt doordat de regio sneller vergrijst dan de rest van Nederland, waardoor zij sneller te maken krijgt met een stijgende zorgvraag. Bovendien is er meer instroom in de VVT nodig van goed opgeleide mbo-studenten dan de huidige instroom. Ook heeft de VVT te maken met een problematisch behoud van zorgmedewerkers, grotendeels tijdens het eerste werkjaar. Ten slotte is het een uitdaging in de VVT om een leven lang ontwikkelen van zorgmedewerkers mogelijk te maken.

De samenwerkingspartners slaan daarom, ondersteund door subsidiemiddelen van het RIF MBO, de handen ineen om een andere manier van opleiden en samenwerking te organiseren om daarmee de De Nieuwe Medewerker in de VVT-sector klaar te stomen voor de arbeidsmarkt.

In de komende 4 jaar zullen de volgende activiteiten ontplooid worden:

  • Innoveren van zorgonderwijs: door flexibele en toekomstbestendige bbl-opleidingen te ontwikkelen, zodat deze ook aansluiten op de behoeften van herintreders en zij-instromers, naast de behoeften van de ‘reguliere bbl-student’ (de student die vanuit het vmbo doorstroomt naar het mbo).
  • Professionaliseren van bbl-docenten van de zorgopleidingen: door docenten op te leiden in begeleidings- en leerstrategieën, zodat het leerproces van de bbl-student op school en in het werkveld wordt bevorderd.
  • Ontwikkelen en implementeren van Hybride Leerwerkplekken bij zorginstellingen: door het onderwijs en de zorginstelling gezamenlijk de student op te laten leiden bij de zorginstelling, zodat de student beter gefaciliteerd wordt in gelijktijdig werken en leren. Daarnaast wordt het onderzoekend vermogen op de werkplek van studenten, docenten en praktijkbegeleiders verbeterd door kleinschalige onderzoeken te verrichten naar centrale onderzoeksvragen en eigen leervragen.
  • Behouden van zorgmedewerkers in de VVT en een Leven Lang Ontwikkelen: door startende zorgmedewerkers (die net zijn uitgestroomd vanuit de opleiding naar de arbeidsmarkt) beter in te werken, te laten landen in het werkveld en door zittende zorgmedewerkers beter te faciliteren in een leven lang ontwikkelen, zodat zij langer behouden worden om te werken in de VVT.

Peter Thuis, bestuursvoorzitter van Gilde Opleidingen, is verheugd met de toekenning van de subsidie voor het RIF Ouderenzorg. “Landelijk is de regio Noord- en Midden-Limburg koploper in het aantal CIV’s. Gilde Opleidingen richt zich al een aantal jaren op het versterken van de samenwerking met het regionale bedrijfsleven. En met succes. Centrum voor Logistiek Vakmanschap, Talent in Bedrijf, Zorgtechniek Limburg, Foodlab Limburg, CIVIL (installatietechniek) en CIV Maakindustrie zijn al eerder met ondersteuning vanuit het RIF MBO opgezet.

Fijn dat het ministerie door deze nieuwe toekenning ook het belang en de gedegen opbouw van dit project erkent. Hierdoor kunnen we verder bouwen aan onze aanpak en filosofie. Opleiden doe je namelijk samen met het bedrijfsleven, waardoor studenten niet alleen de beste opleidingen krijgen, maar ook medewerkers in het bedrijfsleven de aansluiting vinden op (bij)scholing in het mbo. We moeten als regio immers blijven investeren in de ontwikkeling van het arbeidspotentieel. Dat vraagt om vernieuwend onderwijs in vernieuwende vormen.”