Skip to main content Overslaan en naar de footer gaan Overslaan en naar de zoekbalk gaan Overslaan en naar de navigatie gaan

“Je moet stevig in je schoenen staan, maar je leert hier enorm veel”

Britte Franssen
Nieuws
Het ultieme doel van Britte Franssen is bij de politie werken. Toen ze achttien werd, meldde ze zich daarom meteen aan. Helaas werd ze afgewezen. “Ik had niet genoeg levenservaring. Bij de intake raadden ze aan om eerst Handhaver Toezicht en Veiligheid te studeren. Dus dat doe ik nu”, legt Britte uit.

Britte snapt wel waarom ze afgewezen werd. “Elk jaar doe je meer ervaring op, zeker in deze opleiding. Het is goed om op deze manier al het vak te leren kennen. De opleiding is dus voor mij echt een tussenstap, maar wel een hele goede.”

De opleiding bestaat uit een mix van theorie, praktijk en sport. “We hebben drie keer per week sport, zoals krachttraining,” zegt ze. “Dat is echt best wel zwaar”. Daarnaast krijgt ze Nederlands, Engels en rekenen. “Engels is vooral beroepsgericht, bijvoorbeeld hoe je iemand aanspreekt op straat.” Ook vakleer vindt ze interessant. “Daar leer je alles over regelgeving. Dat is best pittig, maar ook leuk.”

Wat haar vooral aanspreekt is dat ze actief bezig is. “Ik hou ervan om niet stil te zitten. Je leert ook veel over samenwerken en jezelf.” Ze volgde eerder al een andere opleiding. Maar merkt duidelijk dat handhaving de juiste richting is voor haar. “Elke dag ga ik met plezier naar school. En elke dag als ik thuis kom denk ik: ik heb echt iets geleerd vandaag.”

Stage is een belangrijk onderdeel. Ze liep al mee bij VVV-Venlo en Fortuna Sittard, en kijkt uit naar stages bij de kermis in Weert, de NS en Arriva Nederland. “Je bent echt meteen vanaf het eerste jaar  aan het werk. Maar je staat altijd met een ervaren iemand samen, dat geeft vertrouwen.”

Ondanks alle goede begeleiding op school en tijdens stages moet je volgens Britte wel al stevig in je schoenen staan, wil je de opleiding gaan doen. “Je bent altijd met mensen bezig. En die kunnen vervelend reageren, want je moet ze toch vaker op iets aanspreken. Ik onthoud maar altijd dat dit gericht is tegen het uniform, niet tegen mij persoonlijk. Want ze kennen me natuurlijk helemaal niet.”